Tussen 1880 en 1920 was ons culturele en maatschappelijke leven sterk in beweging: Frederik van Eeden introduceerde Freud en diens psychoanalyse in Nederland, er ontstonden nieuwe opvattingen over literatuur bij de Tachtigers en in de beeldende kunst, zoals bij Jan Toorop, George Breitner en Willem Witsen.
De verhoudingen tussen mannen en vrouwen ondergingen sterke veranderingen. Schrijfsters als Carry van Bruggen en Nienke van Hichtum veroverden zich een onafhankelijk leven, vaak ten koste van veel strijd en verdriet. Zo waren er meer. Onlangs verscheen van de hand van Cornelie van Uuden en Pieter Stokvis het boek:
'De gezusters Van Vloten, de vrouwen achter Frederik van Eeden, Willem Witsen en Albert Verwey'. Deze echtgenotes waren de modern opgevoede en ontwikkelde dochters van Johannes van Vloten, een literaire beroemdheid in de negentiende eeuw. Ze waren talentvol maar bleven in de schaduw van hun echtgenoten. Met de tragische levensloop van deze vrouwen - geboren rond 1860 - als leidraad, belicht Anneke Luger in vijf bijeenkomsten een aantal interessante aspecten uit het culturele leven in die tijd. Deelnemers ontvangen een syllabus met relevante teksten.